De essentie van alle religie

Waarom brengt mindfulness de gemoederen in de boeddhistische wereld zo in beweging?

Onder de titel ‘Eigenlijk is mindfulness hartstikke religieus’ heeft Koert van der Velde op 14 december 2015 een artikel gepubliceerd in het dagblad Trouw.

En nu moet de auteur het ontgelden. Zenleraar Edel Maex herkent zich niet in zijn “karikaturale beeld van het boeddhisme” en hekelt de “duistere bril” waarmee deze naar het fenomeen religie kijkt (20 december 2015).

Ook Hans Gijsen, voorzitter van de Stichting Inzichtsmeditatie, toont zich gebeten. “Wat betreft de relatie tussen mindfulness en boeddhisme beweert Koert de grootst mogelijke onzin,” schrijft Gijsen (21 december 2015). Om zich vervolgens te buiten te gaan aan beweringen dat deze dingen zou zeggen in zijn artikel die ik in Trouw helemaal niet terugvind.

Dus waarom brengt mindfulness de gemoederen in de boeddhistische wereld zo in beweging?

Laten we beginnen met het artikel van Koert van der Velde in Trouw. Wat is daar nu precies mis mee? Niet zo heel veel, als je het mij vraagt.

Want laten we wel wezen, mindfulness is toch afkomstig uit de religieuze context van hindoeïsme en boeddhisme, en heeft zich daaruit in ons deel van de wereld losgezongen?

Sterker nog: “Je kunt de openheid van aandacht zoals die in mindfulness gecultiveerd wordt, definiëren als juist de essentie van alle religie,” schrijft Edel Maex hetzelfde stuk in het Boeddhistisch Dagblad waarin hij afstand neemt van het artikel van Koert van der Velde. Dus hoe religieus wil je mindfulness eigenlijk hebben?

Hans Gijsen neemt Koert van der Velde, voor zover ik zijn intentie kan reconstrueren, kwalijk dat hij ertoe aanleiding geeft dat mindfulness in een verkeerd daglicht wordt gesteld. Hij schrijft dat Koert “zo fel tekeer gaat tegen mindfulness.” Waar dan precies in zijn artikel, Hans?

Mindfulness, met wortels in oosterse religie, wordt in ons deel van de wereld herverpakt als een seculiere techniek en aangeprezen om zijn bewezen gezondheidseffecten. Sommige mensen proberen de religieuze oorsprong van mindfulness te verdoezelen om de acceptatie ervan bij het grote publiek of binnen de medische wetenschap niet in gevaar te brengen. Zo zou ik in twee zinnen samenvatten wat Koert van der Velde in Trouw schrijft.

En mag hij dat? Mindfulness wordt toch herverpakt als een seculiere techniek? En voor zijn bewering dat sommigen de oorsprong ervan verdoezelen, citeert Koert van der Velde als bewijs niemand minder dan Jon Kabat-Zinn, de aartsvader van de Mindfulness Based Stress Reduction.

Nee, om te begrijpen waarom de boeddhistische wereld aanstoot neemt aan het artikel in Trouw, moet je een expert zijn in close reading. De artikelen van Edel Maex en Hans Gijsen behoeven een zekere ondertiteling, die ik hier naar beste weten en kunnen zal proberen te geven.

De gedachte van Edel Maex dat openheid van aandacht zoals die in mindfulness gecultiveerd wordt, wel eens de “essentie van alle religie” zou kunnen zijn, behoort tot de kern van de religieuze vernieuwing die sommigen in de boeddhistische wereld propageren. Mindfulness en zen zijn niet alleen boeddhistisch, neen, het zijn ook vormen van ervaring die christenen en ongelovigen tot in het diepste van hun hart weten te raken en hen wellicht, wellicht weten te brengen tot een herbezinning op wat religie werkelijk is. Als Koert van der Velde mindfulness in verband brengt met wereldverzaking, karma en andere noties uit de boeddhistische geschiedenis, dan brengt hij inderdaad de acceptatie ervan bij een groter publiek in gevaar. Dat is punt één.

Is mindfulness ook het onderwerp van marketing? Wel wis en waarachtig. Mindfulness (en ook zen overigens) wordt op grote schaal vermarkt. Misschien dat de mensen die het vermarkten, daar goede bedoelingen mee hebben, bijvoorbeeld omdat ze hebben ontdekt dat mindfulness bijdraagt aan stressreductie, zoals de eerder genoemde Kabat-Zinn.

Maar dit gat in de markt is ook aangeboord door mensen die ik ervan verdenk dat ze uit commerciële motieven andere mensen de gebakken lucht van spiritueel materialisme verkopen. Sterker nog: Edel Maex, die in het dagelijks leven psychiater is, heeft in het verleden op de Belgische televisie gewaarschuwd tegen aanbieders die argeloze spirituele zoekers van de geestelijke regen in de drup brengen.

Je kunt, zoals Hans Gijsen doet, Koert van der Velde in rede niet kwalijk nemen dat iemand anders, in Vrij Nederland (10 december 2015), concludeert dat er een “hier-en-nu mafia” bestaat. Zo’n kwalificatie heeft niets te maken met georganiseerde criminaliteit, maar eerder met georganiseerde marketing. Er zijn meer auteurs van mindfulnessboeken dan Edel Maex, iemand bij wie ik gelukkig weet dat mensen in veilige, bevoegde handen zijn. Véél meer. Hieronder vind je ook de mensen die mindfulness graag verslijten als een volkomen seculiere bezigheid om een graantje mee te pikken van de hype.

Boeddhisme heeft op het punt van marketing geen zuiver geweten. Wie bindt de kat de bel aan en vangt aan de tempel te reinigen? Het dagblad Trouw misschien? Waar ooit de dominees bromden over de inhoud van de krant, staan nu boeddhisten op hun achterste benen. Kan Koert van der Velde daar echter veel aan doen? Zijn artikel is eerder als de spreekwoordelijke pleister die van een open wonde wordt getrokken. Als je maar in de buurt komt van de ontstekingshaard, dan worden er al zenuwen geraakt. Maar dat er pijn is, dat kun je niet wijten aan de inhoud van het artikel in Trouw. Dat is punt twee.

En waarom zouden boeddhisten eigenlijk zich niet ook wat ruimdenkender kunnen tonen en blij kunnen zijn om wat Koert van der Velde schrijft? Of je nu behoort tot een traditionele school, of een religieuze vernieuwer bent (beide tegelijk is ook mogelijk), mindfulness gedijt volgens mij het beste in een context van wat ik, om een term van een andere auteur te lenen, hier maar even ‘diepe geestelijke herprogrammering’ noem.

Deze term is afkomstig uit een interview van David McMahan, schrijver van een lezenswaardig boek over boeddhisme en modernisering, met het Amerikaanse boeddhistentijdschrift Tricycle in 2013. In dit interview waarschuwt hij ervoor dat mindfulness die wordt losgemaakt uit zijn oorsprong, te makkelijk waarden uit zijn nieuwe gastomgeving kan opzuigen. In de verkeerde handen kan mindfulness, zonder een expliciet boeddhistische context, in onze cultuur bijvoorbeeld de diepere oorzaak van spanning, zoals een vals gevoel van eigenwaarde, versterken. Ik heb hier eerder over geschreven in een artikel dat doorlinkt naar het vraaggesprek met McMahan.

Boeddhisme, merkt deze in het interview terecht op, plaatst mindfulness in een context van het diep herprogrammeren van de geest. Inzichtsontwikkeling ontstaat niet spontaan wanneer de geest zich heeft ontledigd. Hij wijst erop dat ook sommige boeddhisten te makkelijk alleen het kalmeren van de geest uit de Satipatthana sutra isoleren, kennelijk zonder zich te realiseren dat dat in die sutra juist alleen maar het begin van het verhaal is. Daarna komen nog de nodige geestelijke oefeningen die mede een beroep doen op de conceptuele vermogens van de beoefenaar.

Tot de elementen van de boeddhistische context die McMahan opsomt als onderdeel van de mix waarin mindfulness eerst ten volle tot zijn recht komt, behoren ook leegte, voorwaardelijk ontstaan, dharma, het bodhisattvapad, skandha’s, het achtvoudig pad en de vier edele waarheden van de Boeddha. Boeddhisme gaat ervan uit, zegt hij, dat inzichtsontwikkeling niet vanzelf komt, maar doordat zulke bouwstenen de tijd krijgen om in te dalen en te rijpen.

Of je boeddhisme religieus noemt, is een kwestie van definitie. Persoonlijk heb ik daar niet zoveel moeite mee, zo lang je er geen deuren mee sluit. Boeddhisme wordt toch alom gerekend tot de grote wereldreligies? In ons deel van de wereld vind je mensen die bij het woord religie puisten krijgen, omdat dan de erfenis van een christelijke opvoeding wordt opgewekt. Zulke mensen noemen boeddhisme dan liever een vorm van spiritualiteit, een wetenschap, humanisme of onderwijssysteem. Mij om het even. Het gaat mij er niet om hoe men de olifant noemt, maar dat erkend wordt dat je een groter organisme nodig hebt wil je mindfulness kunnen plaatsen waar het eigenlijk thuishoort.

Ondertussen heb ik niets tegen een beperkte, therapeutische werking van mindfulness wanneer dit overspannen leidinggevenden van hun stress afhelpt of mariniers vreedzamer maakt bij hun conflicthantering in verre landen. Ik hoop alleen altijd dat zulke mensen via het opstapje van seculiere mindfulness ooit in hun leven de doorsteek weten te maken naar religieuze mindfulness. Want alleen dat zal ze in staat stellen de eigenlijke oorzaken van hun lijden aan te pakken.

Waartegen ik evenmin iets heb, is het artikel van Koert van der Velde in Trouw. Je kunt argumenteren over de bewoordingen waarin hij zich uitdrukt, maar niet over de strekking van zijn betoog. Hij zegt waar het op staat: eigenlijk is mindfulness hartstikke religieus. Het enige waar ik van opkijk, is van de reacties hierop die loskomen uit de boeddhistische gemeenschap.

21 thoughts on “De essentie van alle religie”

  1. Jules, er is (mede) iets heel anders aan de hand.
    Namelijk VERSMADE LIEFDE
    Van der Velde dacht oprecht dat hij z’n boek (en Trouw-artikel) geheel in de geest van Maex schreef. Toen ik n.a.v. mijn recensie http://joopromeijn.blogspot.nl/2015/12/mindfulness-van-vipassana-geen-gezweef.html hem per mail op de calvinistische vertaling van zijn opvattingen wees, schrok deze en begon van der Velde te bekritiseren.

    Dit hele kerstrelletje is een Rorschach-test aan het worden: iedereen projecteert er van alles in en iedereen is boos op iedereen.
    En van der Velde vindt dit relletje wel leuk, ook daar zit een marketing-dimensie in.

    1. Ik had het al eerder door Joop. Tijdens het interview merkte ik al dat hij alleen zichzelf hoorde en mijn woorden voortdurend anders interpreteerde dan ik bedoelde. Dat hij daarbij dacht dat we het met elkaar eens waren zegt iets over zijn inschattingsvermogen. Na jouw analyse heb ik je gemaild en gezegd dat ik niet van plan was er op te reageren. Na het artikel in Trouw vond ik het nodig mij te distantiëren. Ik heb me beperkt tot het artikel omdat je dat kunt met een artikel. Het boek te weerleggen lijkt mij oeverloos. Net als jij zou ik over iedere zin wel in discussie kunnen gaan. En ik heb elders al genoeg over dit onderwerp geschreven.

      1. Dit is werkelijk te vals voor woorden. Op het boeddhistisch dagblad schreef ik: Ik denk dat geloven passé is. Religies zouden zich daarvan moeten emanciperen. Voor mensen is het geloof in reïncarnatie of een hemel vaak een vluchtweg. Het zijn mooie verhalen. Maar ga er niet in geloven. De wereld waar ik van droom is een wereld waarin geloof, identiteit en macht absoluut niet met religie mogen worden geassocieerd, en waarin we god en boeddha zien als inspirerende verhalen.

        Dit vind ik ook, al had ik zelf andere woorden gekozen, maar ík ben het niet die dit schrijft. Het zijn de woorden van Edel Maex zelf – niet aarzelend en zoekend, maar gewoon zo geaccordeerd nadat ik ze aan hem heb laten lezen.Maex zegt nu: ,,Ik kan er goed mee leven als iemand het niet eens is met wat ik denk. Veel moeilijker vind ik het als iemand beweert het eens te zijn met wat ik helemaal niet denk.’’ Het is inderdaad bizar, Edel: met al je uitspraken in Geen Gezweef ben je akkoord gegaan.
        En dan nu op internet reaguren met psychologische duidingen van de koude grond, die aannemelijk moeten maken dat ik Maex woorden in de mond heb gelegd. Ik vind het werkelijk geen stijl. Het door deze psychiater goedgekeurde document met door hem gedane uitspraken tijdens het interview stuur ik graag aan iedere geïnteresseerde toe.

  2. Dat openlijke discussies over het (al dan niet vermeende) religieuze karakter van mindfulness bij sommige mindfulness adepten tot mentale of emotionele verkramping leidt, is nu wel duidelijk.

    Voor de door Koert van der Velde gesignaleerde taboeïsering van dit onderwerp leveren de reacties van Edel Maex en Hans Gijsen aanvullend bewijs Zoals altijd is de vraag: wie heeft er baat bij zo’n taboe, en waarom?

    Overigens illustreert het verschijnen van ‘Geen gezweef!’ ook een trend: wat boeddhisten en mindfulness-profeten allemaal beweren, wordt steeds minder voor zoete koek geslikt. En terecht.

    1. Dank voor het delen van je waarnemingen, Rob. Wat mij betreft mag ook het meel wat meer uit de mond en wel aan alle kanten. Een onafgewerkt draadje is de vraag of de opmars van mindfulness aan christelijke kant gevoeligheden tart omtrent het monopolie op religie dat sommigen zich daar in gedachten nog altijd toeëigenen. Zie voor een veelzijdige analyse van de boeddhistische issues die hier mogelijk in het geding zijn, ook de bijdrage van Joop Romeijn (link hierboven).

    2. Rob, voor mij is dit helemaal geen taboe. Ik heb het er in mijn blog al zo vaak over gehad. En ik heb het antwoord ook niet. Het is voor mij een zoeken. Voor iedere zin die ik daarover zeg mag je gerust ‘misschien’ denken.

  3. Interessant is dat de professionals op het gebied van de mindfulness aan dit gekakel van boeddhisten en godsdienstwetenschappers geen boodschap lijken te hebben.
    Ik heb de beroepsverenigingen VVM en VNBM op het boek ‘Geen gezweef’ (en mij recensie) gewezen, maar zij noch individuele trainers lijken er door geraakt.

  4. In je reactie op Koert van der Veldes bijdrage aan Trouw bespeur ik niets aarzelends of zoekends, Edel. Deze komt op mij eerder over als een poging om eventuele discussies over een door een buitenstaander aangedragen onderwerp bij voorbaat dood te slaan en het publiek te bewegen Van der Veldes boek ‘Geen gezweef!’ vooral niet te lezen.

    Daarbij komt dat je Van der Velde standpunten toeschrijft die hij zo niet inneemt, zonder zijn boek te hebben gelezen. Je diskwalificeert hem uit de losse pols, onder meer door ‘guilt by association’ met Robert Long, Daniel Dennett en Sam Harris—nooit een sterk argument.

    Zou je dit met een collega psychiater of psycholoog op hun vakgebied ook zo doen? ‘Zwevende gelovigen’ behoren immers tot Van der Veldes vakgebied, hij promoveerde als godsdienstwetenschapper op de dissertatie ‘Flirten met God: religiositeit zonder geloof.’ Ik denk het niet, en de vraag is waarom je zulk onderscheid maakt.

    Eerder schreef ik op Facebook dat je Van der Velde verwijt dat hij ‘probeert een nieuw fenomeen als mindfulness op te sluiten in een kooi van oude vormen en terminologieën’. Zelf doe je precies hetzelfde, zij het dat jij meent wél te weten wat de term religie ‘eigenlijk’ betekent en Van der Velde níet.

    Al doende maak je van mindfulness een religie zoals religie bedoeld is—een soort oerreligie ‘ontdaan van alles wat het zou bezoedelen en daarmee onreligieus maken.’

    Zo kan ik het ook: ‘Wij van Wc-eend adviseren… Wc-eend’! Wordt het je toch ‘te’ religieus, dan kun je altijd nog zeggen dat dit een ‘bezoedeling’ is die ‘eigenlijk’ niet tot mindfulness behoort. Dat kun je ‘zoekend’ noemen, maar ook ‘opportunistisch.’

    1. Mindfulness is voor mij helemaal geen oerreligie. Dat zou pas nonsens zijn. Je hebt blijkbaar de laatste zin van de desbetreffende alinea niet gehaald, Rob. Ik schrijf: ‘Deze visie is niet waar of onwaar, het is een optie.’ Ik zet gewoon een aantal opties naast elkaar. Binnen de definitie die ik daar opper is mindfulness religieus.

      Als je religie definieert zoals van de Velde in zijn open brief en in zijn boek, als ‘het je aangesproken voelen door iets wat achter de grens van je begrip ligt’, dan is mindfulness niet religieus. Binnen de definitie van Dennett en Harris ook niet.

      Maar ik denk, met Fischer, dat de veranderingen die we zien in het religieuze landschap aan al die definities ontsnappen en dat we op zoek moeten naar nieuwe woorden. En dat gaan we niet even snel oplossen. Dat is een proces van jaren.

  5. Goed laten we proberen de banaliteiten achter ons te laten, en het BD bevatte daarom (wederom) een aantal van.
    En ‘opportunistisch’ hoort daar ook bij, Rob.

    Laten we ook proberen de misverstanden achter ons te laten al weet ik zeker dat dat niet zal lukken.
    Je hebt ook wel een beetje aanleiding tot misverstand gegeven, Edel, door kennelijk Koert (anderhalf jaar geleden) de indruk te geven het met hem eens te zijn, of omgekeerd: de versmade liefde
    Eén van de misverstanden betreft het gebruik van de term ‘mindfulness’, door de een gebruikt als vage aanduiding van wat anderen even vaag aanduiden als ‘het boeddhisme; door een ander in betekenis van ‘sati’; door weer anderen als synoniem van MBSR

    Een ander misverstand betreft het gebruik van het woord ‘religie’ . Ik ben er voor, dat woord helemaal niet meer te gebruiken. Batchelor wijst in z’n nieuw boek op ‘Before Religion: A History of a Modern Concept’ door Nongbri ( http://www.amazon.com/gp/product/0300216785/ref=pe_397980_160842080_em_1p_0_ti ) Deze toont aan dat ‘religion’ een protestant 19 eeuws woord is dat men probeert toe te passen op andere levensbeschouwingen zoals de Dharma, met alle nadelen van dien.

    En tenslotte, met welk woordgebruik ook, concepten hebben geen religieuze gevoelens (of welke gevoelens dan ook), dat hebben alleen individuele mensen. Dus hoogstens kan men zeggen dat een beoefenaar van mindfulness dat wel of niet met een religieuze intentie doet.

    1. Religie is een ongelooflijk problematische term, en duidelijk heel emotioneel geladen. Ik ben het volledig eens met wat je zegt over Nongbri. Toen men vorige eeuw Heidegger in het Japans vertaalde hebben ze voor ‘religie’ in het Japans een neologisme moeten zoeken. Nu ze het concept eindelijk beginnen vatten, hebben ze er grote moeite mee dat wij het alweer aan het veranderen zijn.

      De term uit het woordenboek schrappen lijkt mij moeilijk. Laat ons wel de gewoonte nemen, als een vorm van hygiene, altijd aan te geven in welke betekenis we het gebruiken.

      Over de relatie sati-mindfulness heb ik recent iets op mijn blog geschreven, overigens na een discussie met Alan Wallace.

      1. “Eigenlijk is mindfulness hartstikke religieus” (Koert van der Velde in Trouw) lokt een hele discussie uit over de betekenis en het gebruik van het woord religie.

        Voor de discussie vind ik het wel interessant hier David Brazier naast te leggen, die in zijn jongste boek tegen de stroom van de moderne en postmoderne krachten oproeit en er juist voor pleit boeddhisme te blijven zien in het licht van religie en geloof. Dit legt een meer inhoudelijke verdieping op de discussie over de juiste terminologie, zonder dat ik het idee heb dat Brazier een religie van macht en dogma propageert of de Dharma in een dwangbuis wil opsluiten.

        David Brazier, Buddhism is a Religion. You Can Believe It (2014): http://boeddhistischdagblad.nl/columns/jules-prast/42533-van-batchelor-tot-brazier/

  6. Ik haak af, Joop. Na lezing van Edel Maex’ werk kan ik alleen maar vaststellen dat hij zichzelf inhoudelijk zo vaak tegenspreekt dat een serieuze kritiek op zijn inbreng in het debat over mindfulness, boeddhistische meditatie en wetenschap onbegonnen werk is. Mijn raad: lees Maex’ boeken en vorm je eigen oordeel.

    Daarbij komt nog dat Maex zich steeds het recht voorbehoudt zijn eigen ‘sweeping statements’ achteraf als vrijblijvend en speculatief aan te merken. Zo heeft hij het altijd bij het rechte eind—als het moet met terugwerkende kracht. In zulke gevallen is debatteren zinloos.

    Daniel Dennett noemt het tennis zonder net: critici moeten over het net en binnen de lijnen slaan, maar zodra de bekritiseerde aan slag is, verdwijnt het net plotseling. Voor dat soort spelletjes heb ik geen tijd.

    Overigens, een reageerder op Facebook attendeerde zijn lezers nog op dit artikel in ‘De Groene Amsterdammer’: http://www.groene.nl/artikel/bewust-de-havermoutpap-in-je-mond-voelen-glijden

    1. Dank, Rob; mooi artikel uit de Groene. Het is overigens ook een mooi voorbeeld van terminologische verwarring. In de kop staat: “Mindfulness: de nieuwe religie voor ongelovigen.” Verderop in het stuk: “Mindfulness is aantrekkelijk, omdat het ons een geloof biedt zonder religie.”

      Ik geloof niet dat iemand spelletjes speelt in deze discussie. Er zijn vele dimensies en de teksten die we vergelijken, hebben alle een verschillende functie en strekking. We blijven aangewezen op de onvolkomenheden van taal als instrument. Ik zie onze discussie hier niet als een gestructureerd debat, maar als een proces van leren van elkaars inbreng.

      1. Van sommige spelletjes zijn degenen die ze spelen zich niet bewust, Jules. Dat zou hier heel goed het geval kunnen zijn.

        Ik heb de moeite genomen me in het werk van Edel Maex te verdiepen, en stel vast dat het soortelijk gewicht van zijn argumenten en redeneringen mij domweg te laag is.

        Volgens mij heeft dat niet met de onvolkomenheden van onze taal te maken, maar met een structureel gebrek aan tegenspraak—al is het maar van terzake kundige redacteuren en recensenten.

        Als ik met het verkeerde been uit bed ben gestapt, noem ik zulk gebrek aan kritisch discours de ‘boeddhistische ziekte’: veel bekeerlingen stellen binnen het boeddhisme stelselmatig lagere eisen aan zichzelf en aan elkaar dan daarbuiten.

        Op Facebook duidde ik dat—volgens mij epidemische—gedrag op een zwak moment al eens aan met de ‘zoete koek maffia.’

        Volgens mij is daarmee echt helemaal niemand gediend.

        Al met al leer ik van dit soort ‘discussies’ helemaal niets, behalve dat sommige discussies inderdaad zinloos zijn. Maar dat wist ik al. En voorts, zoals Grandpa in Neil Young’s ‘Greendale’ zei: ‘It ain’t an honour to be on TV. And it ain’t a duty either.’ Vandaar: bij mij gaat deze TV uit.

      2. Ik vind het jammer dat je je in zulke harde bewoordingen uitlaat, Rob. Op grond van je kennis van de boeddhistische wereld zou je je toch ook moeten kunnen inleven in de dilemma’s van auteurs zoals Edel, die telkens moeten zoeken en tasten naar woorden om te verwijzen naar de fluïde werkelijkheid van onzegbare dharma-ervaringen. Dat kan jou minder aanspreken omdat je je vakmatig in andere domeinen beweegt, maar je doet mijns inziens onrecht aan Edels verdiensten als zenleraar en boeddhistisch auteur. Ik leer van zijn artikelen en boeken, en ik heb de stellige indruk dat ik de enige niet ben. Ook van een gebrek aan deelname aan het kritisch discours kun je hem in rede toch niet betichten als je kijkt naar zijn bijdragen aan het maatschappelijk debat over boeddhisme in België en Nederland door de jaren heen.

  7. Even terug naar het artikel van Jules dat we hier bespreken.
    “Mindfulness en zen zijn niet alleen boeddhistisch, neen, het zijn ook vormen van ervaring die christenen en ongelovigen tot in het diepste van hun hart weten te raken en hen wellicht, wellicht weten te brengen tot een herbezinning op wat religie werkelijk is.”
    Ik probeer dit te testen aan elk van de drie betekenissen van mindfulness en negeer voor het gemak de terloopse maar overbodige invoeging van ‘zen’ in de discussie.

    Het lastige hiermee en met de omschrijving van Edel is dat mij in naam van de logica zo ongeveer verboden wordt niet-religieus te zijn: dan ben je religieus zonder dat je het weet, wordt me dan gezegd door mensen die me kennelijk denken te kennen dan ikzelf. Ik claim het recht op niet-religieus zijn en het adagium van Edel volgend definieer ik wat ik hier onder ‘religieus’ versta: het hebben van een zingevingssysteem. Ik stel dat het bestaan (van wie dan ook) geen zin heeft. Camus’ typering van Sisyfus dus.

    Het thema van Koert z’n boek is trouwens iets anders: hij beweert dat de mindfulness (=MBSR)-trainers zelf religieus zijn en weten dat ze dat zijn en dat ook ‘uitzenden’ in hun instructies etc. Maar dat ze daar niet voor uitkomen, het STIEKUM doen dus.
    En voor die stelling van van der Velde is geen bewijs door hem geleverd.
    Sterker nog: ik poneer de theorie dan mindfulness (=MBSR) gegeven door trainers die vinden dat het leven geen zin heeft minstens evenveel effect heeft als wanneer gegeven door wel-gelovigen.

  8. Toen ik nog studeerde, ontdekte ik een curieus verschijnsel, Jules: ik vond uit dat de meeste mensen het onmogelijk vinden de stelling ‘praatjes vullen geen gaatjes’ onweersproken te laten.

    In de verwoede discussies die daarop steevast volgden, sprak ik mijzelf natuurlijk vroeger of later tegen. Zodra ik hierop gewezen werd, reageerde ik met: ‘Ik zei toch: praatjes vullen geen gaatjes.’ Dat maakte mensen pisnijdig. Terecht: ik gaf hen het gevoel dat ik ze in de maling nam met een goedkope retorische truc.

    Iemand die achteraf beweert dat voor al zijn stellingen het woordje ‘misschien’ moet worden gelezen, of dat zijn woorden niet meer zijn dan een ‘zoekend en tastend’ pogen is om het ‘onzegbare’ te zeggen, doet precies hetzelfde. Het tast zijn of haar intellectuele en retorische integriteit aan, en dit mag hem of haar worden tegengeworpen.

    Zo iemand discussieert vanuit een epistemisch gepriviligieerde positie—’ik weet iets dat jij niet weet’—en behoudt zich het recht voor het tapijt onder iedere discussie vandaan te trekken—meestal zodra deze een wending neemt die hem of haar niet zint. Ik heb daarvoor als boeddhist geen enkel begrip.

    Boeddhisten die zichzelf wijs maken dat ze zich hiermee anders gedragen dan gelovigen in God, Yaweh, Allah of Shiva en hun trouwe helpers, houden zichzelf voor de gek. Het is in feite onfatsoenlijk, zeker tegenover iemand van wie ze weten dat hij of zij hun aannames niet deelt.

    Ik geloof net zo min in ‘boeddhistische discussies’ als in boeddhistische wis-, natuur- en scheikunde. En ik verwonder me erover hoe graag boeddhisten die in het onzegbare geloven toch aan het woord willen komen. Waarom houden ze niet gewoon hun mond? Moet werkelijk iedere innerlijke monoloog of geloofsbelijdenis aandacht krijgen? Doe dat lekker aan de binnenkant van je eigen hoofd!

    Overigens meen ik niet dat Edel Maex geen inbreng heeft in het kritisch discours, ik meen dat zijn inbreng in dat discours inhoudelijk kwaliteit mist omdat hij—kennelijk—onvoldoende wordt tegengesproken. Laten we erover ophouden.

Reageren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s