Hedendaags boeddhisme

Universeel boeddhisme bestaat niet. Wij moeten boeddhisme onderwerpen aan een proces van creatieve destructie en deconstructie. Uit die brokstukken moeten we durven een selectie te maken.

Bodaishin heet het ‘centrum voor hedendaags boeddhisme’ in Antwerpen van Tom Hannes, een zenleraar begiftigd met een heldere pen.

Ik kom bij de website van Bodaishin via de immer goed verzorgde en inhoudelijke nieuwsbrief van Jikoji, de tempel van Licht en Mededogen van de Antwerpse shinboeddhisten. Die twee werken samen.

Antwerpen is een grote, bruisende stad, dus het kan niet verbazen dat het boeddhisme er een veelheid aan mogelijkheden kent.

Ik zou er graag eens in onderduiken, zoals ik vroeger op dienstreis in het buitenland soms drie verschillende Rotary-clubs in één week tijd bezocht. Al heb ik niet lang bij de Rotary gezeten, want het was niets voor mij.

Dit jaar is het tien jaar geleden dat mijn partner mij voor mijn verjaardag ter aanmoediging een zelfgemaakte meditatiecheque gaf, te gebruiken bij een instelling van mijn keuze. Zo kwam ik in zenland uit. Niet voor de zen en niet voor het boeddhisme, maar om de pijn van een geschonden gezondheid weg te mediteren.

Alles wat op de website van Bodaishin zo mooi geformuleerd staat, klinkt mij bij dit kunstmatige jubileum inmiddels bekend in de oren. Wat niet betekent dat ik het allemaal voor zoete koek kan slikken.

Hedendaags boeddhisme betekent, aldus de website, dat wij geïnspireerd door de Boeddha op een eigentijdse manier de vinger aan de pols moeten houden.

Misschien. Misschien juist niet. Na tien jaar weet ik het niet zo zeker meer als in de vuur van het begin, toen de heilsboodschap van het boeddhisme mij na aanvankelijk verzet als een jas om het lijf viel.

Ik weet niet of je boeddhisme van de Boeddha af via de ‘wijsheid van de leegte’ tot aan nu op een zinvolle manier onder één noemer kunt brengen. Er lopen grote kwalitatieve breuklijnen door de geschiedenis van ‘het’ boeddhisme heen. Eén van de belangrijkste vind ik ‘de wijsheid van de leegte’ (Bodaishin), door de profeet Nagarjuna in ondoorgrondelijke boeddhistische logica gecodificeerd als ‘samsara is nirvana’ en ‘voorwaardelijk ontstaan is gelijk aan leegte’.

Leegte is verworden tot een vaste riedel in het boeddhistische repertoire waarmee je alles aan elkaar kunt lijmen, van bodhisattva’s die door tijd en ruimte kunnen reizen tot de verwerping van de filosofie van Immanuel Kant.

De behoefte om alles aan elkaar te lijmen legt een weinig doorgronde eigentijdse mythe bloot: de in cultureel opzicht obsessief compulsieve neiging om een lijn van samenhang door de tijd heen te trekken. In een geseculariseerd tijdperk danken wij deze geneigdheid aan een sluimerend residu van de christelijke ideeënwereld. De voor-christelijke culturen, waaronder die van de Boeddha en zijn volgelingen, leefden binnen heel andere paradigma’s.

Wat wij hedendaags boeddhisme noemen is vaak een kritiekloos koeterwaals, een adaptatie die haar eigen innerlijke tegenspraken verdoezelt onder een elasticiteit die vraagt om een knipschaar.

Op een enkeling na missen volgelingen een intellectuele horizon waarbinnen zij hun boeddhisme kunnen grondvesten en het een verdedigbare focus geven.

Na tien jaar studeren op boeddhisme weet ik niet meer zo zeker of er wel één Dharma (leer) bestaat, en niet meerdere, fundamenteel verschillende. Boeddhisme is vaak wat zich boeddhisme noemt, en de familie is zo groot geworden dat mensen er uiteenlopende en onverenigbare ideeën zijn gaan verkondigen.

Ik weet ook niet meer of een aan de bron vaak buitenissig boeddhisme a priori voor ons toegankelijk is. Ik weet evenmin of het wel mogelijk is boeddhistische ideeën uit fundamenteel andere wereldbeelden te isoleren en de ballast die wij overtollig vinden, te dumpen. Ik weet het niet meer.

Zijn religieuze voorstellingen uit andere culturen voor ons inzichtelijk zonder ons eerst rekenschap te geven van de erfenis van een helleens-joods-christelijke traditie die onze verstaanshorizon blijft bepalen, ook wanneer wij deze waarheid loochenen voordat de haan drie keer gekraaid heeft?

Verder kun je volgens mij, zonder boeddhistische koeterwaals, heel goed op min of meer gelijkgestemde paden uitkomen via Spinoza en Schopenhauer, of via de Bergrede.

En dan nog moeten we kritisch blijven. Wij kunnen ons wel laven aan de ‘zo-heid’ van een direct ervaarbare werkelijkheid, maar kan deze voorstelling van zaken de toets van de confrontatie met de twintigste-eeuwse filosofie wel aan?

Mijn oog glijdt nog een keer over de website van Bodaishin met zijn verleidelijke taalgebruik dat tegelijk robuust en soepel is. Achter de verleidelijkheid schuilt echter een (onbedoelde) bedrieglijkheid.

Universeel boeddhisme bestaat niet. Wij moeten boeddhisme onderwerpen aan een proces van creatieve destructie en deconstructie. Uit die brokstukken moeten we durven een selectie te maken. Als ik na tien jaar de balans opmaak, zie ik alleen maar brokstukken.

De Boeddha kan mij weinig schelen; hij is als een fictief spook dat rondwaart zonder dat je er een vinger op kunt leggen, zo bedolven als hij is onder een baaierd van historische legendevorming.

En toch kunnen scholen die proberen terug te gaan tot de Boeddha en het vroege boeddhisme mij ook als zenbeoefenaar bekoren om hun methodische aanpak, om hun nadruk op zelfreiniging en de verwerping van een rechtstreekse route naar het doodloze voor de meeste mensen in dit leven.

Gaan zelfreiniging, discipline en geloof niet vooraf aan een spreken, handelen en levensonderhoud doordrenkt van mededogen? Kan een mens meer dan een momentane verlossing vinden in boeddhistisch ontwaken? Is de verschraalde meditatie in ons hedendaagse boeddhisme werkelijk een snelweg naar het heil?

Of ik een goede zenbeoefenaar en een goede boeddhist ben, dat weet ik ook niet. En of het voor de mensenmens mogelijk is dit op eigen kracht te worden, waag ik eveneens te betwijfelen. De mantra van de persoonlijke transformatie, ik weet niet of het mogelijk is voor meer dan een zeer toegewijde enkeling.

Ik ben tien jaar boeddhist en ik kan nog steeds niet meer dan twijfelen over alles, hoewel ik de gewijde stilte van een mediterende zendo sporadisch als een warm bad kan ondergaan. Maar meer dan een brokstuk van alles, nee, dat is dit niet.

Namu Amida Butsu,

Taigu

2 thoughts on “Hedendaags boeddhisme”

  1. Dank voor het delen van je twijfel. Wat blijft is “religie”. In het BD trof ik, was het gisteren?, een voor mij mooie definitie van “religie” aan: ‘het is een manier om in wat gescheiden lijkt te zijn verbinding te zien.’
    We zien alleen maar brokstukken, fragmenten. Ons denken kan immers “het geheel” niet zien. De momenten zijn ook dat je dit weet en dat geeft rust.

    1. Dank voor je reactie. Het denken dat uit brokstukken een afgerond beeld maakt, is dat niet de oorspronkelijke Gestaltpsychologie? Voor het leesgemak heb ik dit weggelaten evenals Edward Schillebeeckx (bedolven onder legendevorming – ‘Jezus, het verhaal van een levende’) en Karl Löwith (christelijke teleologie in westers tijdsverstaan – Heidegger-leerling Karl Löwith, ‘Weltgeschichte und Heilsgeschehen’). Als ik regel voor regel ga, kom ik op nog wel meer voetnoten, maar dit zijn de belangrijkste.

Reageren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s